Pasen (21 april)

Pasen is het allerbelangrijkste christelijke feest. Dan wordt gevierd dat Jezus is opgestaan uit de dood.

Drie dagen na de begrafenis gaan een paar vrouwen naar het graf van Jezus. Tot hun grote verbazing is het geopend en leeg. Een engel vertelt hen dat Jezus is opgestaan. Doodgaan is voortaan niet meer het einde van het leven. Christenen geloven in een eeuwig, gelukkig bestaan na de dood. Er is dan geen pijn of verdriet meer. Pasen is het feest van een nieuw begin. Het is geen toeval dat het in de lente wordt gevierd. In de lente komt de natuur weer tot leven. En het is ook de tijd van Pesach, het joodse paasfeest. Het hele verhaal rond de dood van Jezus speelde in de joodse paastijd.

De datum van Pasen wordt op een aparte manier berekend. Die hebben de christenen overgenomen van de joodse kalender. Pasen begint op de eerste zondag ná de eerste volle maan van de lente. Op z’n vroegst is dat 22 maart en op z’n laatst 25 april.

Sommige dingen van Pasen lijken op Kerstmis. Mensen stuurden elkaar vroeger paaskaarten. In de huiskamer kan een paasboom staan. En je eet extra luxe en lekker: met het paasontbijt. Versierde eieren horen wèl speciaal bij Pasen, hardgekookt of van chocola.Ze staan voor nieuw leven en vruchtbaarheid. Soms zijn ze verstopt en soms brengt de paashaas ze langs. Want die kan na de koude winter weer lekker rondrennen.